Nederland
helpt
Sulawesi

Erlis, Anisa en anderen vertellen over de hulp die zij ontvingen

Met de opbrengst van de Giro555-actie ‘Nederland helpt Sulawesi’ zijn in het eerste jaar na de aardbeving en tsunami op Sulawesi meer dan 460.000 mensen geholpen. Lees hier enkele verhalen van mensen die hulp ontvingen. Meer weten over de hulpverlening? Bekijk dan de jaarrapportage die op 9 januari 2020 is gepubliceerd.

De vissers van Panau gaan weer de zee op

Erlis (40) kan zijn vreugde niet verbergen als hij zee op gaat. “Het is zo lang geleden, ik ben zo blij!”, vertelt hij. Erlis is een van de tien vissers in het dorp Panau die via Cordaid een vissersboot kregen. Erlis verloor zijn boot bij de tsunami. “Sinds die tijd probeer ik de kost te verdienen als bouwvakker.” De nieuwe boten zijn met hun slanke vorm en een lengte van bijna zeven meter zeer geschikt om snel te kunnen bewegen en zo rono, een soort kleine ansjovis, te vangen. De boten hebben lampen en een generator aan boord. De lampen zijn niet alleen bedoeld om de vissers ’s nachts licht te geven, maar ook om vissen, vooral rono die van licht houden, aan te trekken. Erlis heeft zijn boot, gemaakt van hout, zelf afgewerkt en geschilderd. “Mijn ervaring als bouwvakker kwam daarbij goed van pas.” [Foto: Martin Dody ERCB]

Anisa krijgt psychologisch hulp

Anisa (11) had nog nooit van een tsunami gehoord voor Sulawesi werd getroffen door de aardbeving en een tsunami die Anisa’s huis en haar school verwoestten. Voor kinderen zoals Anisa heeft Plan International kindvriendelijke ruimten opgezet. Hier kunnen kinderen naar toe komen om de gebeurtenissen te verwerken. Het is van belang dat dat deze faciliteiten niet alleen direct na de ramp toegankelijk zijn, maar ook daarna nog, omdat de schok vaak pas later komt bij kinderen. In de kindvriendelijke ruimten werken lokale vrijwilligers die door Plan International zijn opgeleid om psychosociale hulp te verlenen via bijvoorbeeld zang, dans en tekenen. Ook krijgen kinderen voorlichting over persoonlijke hygiëne, kinderrechten en hoe je jezelf kunt beschermen tijdens en na een ramp. Anisa gaat er graag heen, omdat er een vrolijke sfeer hangt. Er is ook een systeem opgezet waar ouders en kinderen terecht kunnen als ze zich zorgen maken om hun eigen veiligheid of de veiligheid van hun kinderen. Tijdens en na een ramp zijn kinderen, met name meisjes, extra kwetsbaar voor bijvoorbeeld dwangarbeid en uithuwelijking. Om dit soort dingen te voorkomen krijgen ouders voorlichting aangeboden over kindbescherming en worden ze doorverwezen naar de juiste overheidsinstanties als er sprake is van verdenkingen. Anisa voelt zich nu zekerder over haar veiligheid en is een actieve en leergierige leerling. Ze wil later graag wetenschapper worden en meer leren over rampen: “We hoeven niet meer bang te zijn voor rampen, want we kunnen ons voorbereiden en dan zijn we veilig.”  

Adewati heeft weer inkomsten

Adewati (56) is alleenstaande moeder van drie kinderen. Voor de aardbeving werkte ze als landarbeider in de rijstvelden. Door de liquefactie, het vloeibaar worden van de aarde als gevolg van de aardbeving, kon er niets meer verbouwd op de rijstvelden waar zij werkte. Daardoor verloor Adewati haar bron van inkomsten. Ze zag geen kans meer om haar familie te onderhouden en het schoolgeld van haar kinderen te betalen. Daar kwam nog bij dat haar huis door de aardbeving was beschadigd.
Adewati kreeg van CARE hulp in de vorm van een geldelijke bijdrage. Deze financiële hulp gaf haar weer een sprankje hoop. Na het ontvangen van het geld is Adewati begonnen het verkopen van snacks en levensmiddelen in een kraampje. Met de inkomsten kan ze haar gezin onderhouden en ze kan wat geld opzij leggen om het schoolgeld van haar kinderen te betalen.  
[Foto: Nur Afdhal Syam]

Gifaril gaat weer zingend de dag door

De twaalfjarige Gifaril, op de foto met zijn kleine zusje Ica, kon een paar maanden na de aardbeving weer terug naar school. Zijn leraar zei dat dat niet makkelijk was voor de leerlingen: “Ze waren in het begin erg bang dat er weer een aardbeving zou komen.” Om die angst te verminderen kregen de kinderen psychosociale zorg. Spelletjes, praten over wat er gebeurd was, en goed in de gaten houden hoe het met iedereen gaat. Dat zorgde ervoor dat Gifaril nu weer naar school durft zonder bang te zijn. En dat is maar goed ook, want hij heeft grootse plannen voor de toekomst. 
Weer verder kunnen na een ramp, dat was het doel van de psychosociale trainingen die UNICEF mogelijk maakte voor meer dan drieduizend kinderen. Met een speciaal ontworpen programma voor scholen, leerden kinderen hoe ze om konden gaan met de gebeurtenissen die hun levens veranderd hebben. Ook leraren werden getraind. Zij leerden hoe ze om moesten gaan met kinderen die angstig waren of erge dingen hadden meegemaakt.

Tasma maakt haar woonomgeving veiliger

In het kustdorp lende Tovea stortten tijdens de ramp 187 van de 468 huizen in. Daarbij kwamen zeven mensen om het leven. “Wij zijn nog altijd angstig,” zegt Tasma, die in het dorp woont. Oxfam en een lokale partnerorganisatie ondersteunen een groep vrouwen die de handen ineen hebben geslagen om de woonomgeving veiliger te maken. Zo hebben zij een plattegrond gemaakt van het dorp waarop aangegeven is wat veilige en gevaarlijke plekken zijn om naartoe te gaan tijdens een ramp. Ook hebben zij een evacuatieroute uitgezet (zie foto) om mensen naar een open gebied te leiden. Verder organiseren ze workshops voor traumaverwerking, waar slachtoffers – inclusief kinderen – hun gevoelens kunnen uiten via muziek en kunst, en houden ze in de gaten waaraan het dorpsbestuur budget geeft. Tasma, lid van de vrouwengroep: “Wij willen zeker weten dat ons dorp veiliger wordt bij rampen.” Het hoofd van het dorp, Rahman Lukuaci, respecteert en vertrouwt op de input van deze groep: “Wanneer we nieuwe regels aan het ontwikkelen zijn, is de eerste stap om het voor te leggen aan deze groep. Als zij het eens zijn, bespreken we het op een hoger niveau.” De vrouwen praten over alles mee, van budgetten tot vieringen en sportevenementen. “Ze dragen echt bij aan het verder ontwikkelen van het dorp. We werken samen,” zegt Lukuaci. [Foto: Rosa Panggabean/ OxfamAUS]

Musriyadi helpt bij drinkwatervoorziening

Musriyadi Sufri (59) was thuis met zijn vrouw Norma en dochter Nur Faizah toen de tsunami Sulawesi trof. Norma schreeuwde: ‘Water, water, water’ en voor ze het wisten overspoelde de eerste, circa 3 meter hoge golf van de tsunami, hun huis. Musriyadi werd ver weg van zijn huis gevonden en naar het nabijgelegen ziekenhuis gebracht. Hij bracht het er levend vanaf, maar moet sindsdien zijn rechterbeen missen. Norma en Nur Faizah zijn nooit teruggevonden. Musriyadi verbleef na de ramp in een tijdelijke opvang. Het leven in deze opvanglocatie, tussen 120 andere families en met een chronisch gebrek aan schoon drinkwater, was zwaar voor de 59-jarige man met een handicap. Toen medewerkers van Save the Children langs kwamen en de noden zagen, zorgden ze onmiddellijk voor een oplossing. Save the Children verving, met geld van Giro555, de door de aardbeving gebroken waterleidingen en regelde de distributie van schoon water door middel van watertrucking (aanvoer van drinkwater met tankwagens). Ook gaven en geven medewerkers van Save the Children voorlichting over een gezondere levensstijl aan de kinderen in de gemeenschappelijke tijdelijke opvang. Musriyadi is inmiddels een van de mensen uit het opvanglocatie die actief bijdraagt aan het beheer van de dagelijkse waterlevering en het leidingensysteem.

Mudifah kan weer naar school

“Bedankt World Vision en Giro555, dat jullie hebben gezorgd voor deze lokalen. Nu kan ik eindelijk weer studeren in een prettige omgeving. We moesten eerst naar school in een tent. Dat was echt heet en heel oncomfortabel,” vertelt Mufidah (14 jaar). World Vision bouwde negen noodlokalen bij een aantal middelbare scholen in Donggala, die door de ramp waren getroffen. Na enkele maanden van bouwen kunnen de leerlingen nu naar school in hun tijdelijke lokalen.
Niet alleen de studenten, ook de schoolleiding is blij met de noodlokalen. Schoolleider Syaifullah vertelt: “Bedankt voor jullie inzet bij onze scholen, World Vision en Giro555. Onze lokalen waren beschadigd bij de aardbeving, dus moesten we buiten lesgeven. Daarna in tenten, maar nu kunnen we de lessen weer geven in een comfortabel lokaal,” aldus Syaifullah. 

Ibu Santi deelt cruciale informatie

De 45-jarige Ibu Santi, moeder van vier kinderen, speelde na de ramp op Sulawesi een belangrijke rol in de Rode Kruishulpverlening ter plaatse. In de eerste weken na de ramp zond het Indonesische Rode Kruis een radioprogramma uit waarin bijvoorbeeld de locaties van noodhulpdistributies genoemd werden en tips over hoe je jezelf tijdens en na een ramp kan beschermen. Maar wanneer je in een tijdelijke opvang woont omdat je huis is ingestort en je hebt geen radio, krijg je die informatie niet mee. Terwijl je die hulp dan wél hard nodig hebt. Ibu Santi luisterde elke dag naar het radioprogramma en speelde de informatie door aan de mensen die achter haar huis in noodopvangplekken zaten. Daar bleef het niet bij. Vervolgens belde ze in naar het radioprogramma om de noden vanuit diezelfde gemeenschap kenbaar te maken bij het Rode Kruis. Een effectieve manier om de hulpverlening zo goed mogelijk af te stemmen op de behoeften van de getroffen mensen.

Nieuwsoverzicht

De samenwerkende hulporganisaties achter Giro555:

Bij uitzonderlijke rampen slaan de 11 samenwerkende hulporganisaties de handen ineen onder de naam Giro555. Zij vragen heel Nederland zich aan te sluiten om geld in te zamelen voor hulp aan slachtoffers. Want samen redden we meer levens. Meer informatie