De ramp
Vanaf oktober 1999 kreeg Mozambique te maken met hevige regenval. Rivieren traden buiten hun oevers en grote delen van het zuiden van het land kwamen onder water te staan. In februari 2000 nam de regenval verder toe. De situatie verslechterde nog meer toen cycloon ‘Eline’ Mozambique trof. Vooral de zuidelijke provincies werden zwaar getroffen. Wegen en bruggen spoelden weg en waterpompen en waterzuiveringsinstallaties kwamen onder water te staan. Daardoor zaten veel mensen zonder schoon drinkwater. Ook huizen en landbouwgrond gingen verloren.
Nederland kwam in actie. De nationale actie ‘Help slachtoffers watersnood Mozambique’ bracht uiteindelijk € 10,8 miljoen op voor de hulpverlening.
Mensen wachten op redding
Door het hoge water, het slechte weer en de schade aan wegen waren veel gebieden moeilijk bereikbaar. Mensen zochten hun toevlucht op daken, in bomen en op hoger gelegen stukken land. Helikopters werden ingezet om hen te redden. Begin maart hadden Zuid-Afrikaanse helikopters al ruim 11.500 mensen uit het water gered.
Ook na de reddingsoperaties bleef de nood groot. Schoon drinkwater was schaars en door vervuild water bestond het risico op de verspreiding van ziekten. Veel kinderen waren tijdens de overstromingen bovendien van hun ouders gescheiden geraakt.
Nederland in actie
Op 24 februari 2000 besloten de Samenwerkende Hulporganisaties een nationale inzamelingsactie te organiseren. De actie ‘Help slachtoffers watersnood Mozambique’ liep officieel van 28 februari tot en met 31 december 2000. Hiervoor werd giro 800800 gebruikt.
De actie begon relatief bescheiden, maar werd later opgeschaald. Er kwam geen landelijke tv-avond. Wel verschenen advertenties en werden radio- en tv-spots uitgezonden. Ook werden op grote schaal machtigingskaarten verspreid waarmee mensen geld konden geven.
De grootste dagopbrengst werd op 10 maart bereikt: die dag kwam 1,5 miljoen gulden binnen. Eind april stond de teller al op 22 miljoen gulden. Stichting DOEN droeg 750.000 gulden bij.
Doneren via internet
Bijzonder aan deze actie was de rol van internet. Giro555 zette een speciale actiesite op. De website ging op 3 maart 2000 online en gaf informatie over de ramp, de hulpverlening en de nationale actie. Mensen konden via de site ook geld doneren aan giro 800800. Online doneren stond in 2000 nog in de kinderschoenen.
De hulp
Met het ingezamelde geld boden de hulporganisaties noodhulp en werkten zij aan herstel. In Mozambique ging het onder meer om voedsel, medicijnen, schoon drinkwater, sanitaire voorzieningen en onderdak. Ook werden waterpompen en latrines hersteld en gebouwd en ontvingen mensen zaden en landbouwgereedschap.

Daarnaast werden wegen, bruggen, aquaducten en dijken hersteld. Er werden 119 huizen herbouwd en 50 hectare rijstvelden hersteld. UNICEF deelde 25.000 schoolpakketten uit en ondersteunde de wederopbouw van scholen voor ruim 3.000 kinderen en hun leraren.
Ook hulp in andere getroffen landen
Hoewel Mozambique centraal stond in de actie, werd een groter deel van zuidelijk Afrika getroffen door het extreme weer. Daarom besloten de organisaties dat het ingezamelde geld in het gehele getroffen gebied mocht worden besteed.
Met de opbrengst werd hulp geboden in Mozambique, Malawi, Madagaskar, Swaziland, Zimbabwe en Zuid-Afrika. De hulpverlening met geld uit de actie vond grotendeels plaats van februari 2000 tot medio 2002.
Meer weten?
- Lees de eindrapportage die in juni 2003 is gepubliceerd, voor meer (financiële) details.
- Bekijk de uitzending van 2 Vandaag op de Schatkamer van Beeld en Geluid (vanaf 6:23).
Credits foto: Alamy/NB/ROD
De samenwerkende hulporganisaties achter Giro555:
Bij uitzonderlijke rampen slaan de samenwerkende hulporganisaties de handen ineen onder de naam Giro555. Heel Nederland kan zich aansluiten om geld in te zamelen voor hulp aan slachtoffers. Samen in actie voor noodhulp. Meer informatie








