Aardbeving Pakistan
Op 8 oktober 2005 werd het noorden van Pakistan getroffen door een zware aardbeving met een kracht van 7,6 op de schaal van Richter. Ook delen van India werden zwaar getroffen. Het was de grootste natuurramp in de regio in honderd jaar tijd. Meer dan 73.000 mensen kwamen om het leven, tienduizenden mensen raakten gewond en miljoenen mensen verloren hun huis. Vooral in het bergachtige gebied van Kashmir werden complete dorpen, scholen en gezondheidscentra verwoest. De aardbeving werd gevolgd door meer dan honderd naschokken, waardoor de angst onder de bevolking groot bleef.
Door beschadigde wegen, aardverschuivingen en de naderende winter waren veel getroffen gebieden moeilijk bereikbaar. Daardoor was snelle noodhulp van levensbelang.
“Onwerkelijk, onwezenlijk. Ik heb nog nooit een dergelijke grote ramp gezien. Alles is verwoest. Je ziet daar scholen waar vaders op zoek zijn naar hun dochters en mensen die tussen het puin nog proberen iets van hun bezittingen terug te vinden. Dat grijpt je echt bij de keel.”, aldus Diederik de Boer van Cordaid/Mensen in Nood, tijdens de landelijke televisieactie Help slachtoffers aardbeving Pakistan (26 oktober 2005).
Een van de verhalen die veel indruk maakte, was dat van de twaalfjarige Taskeen. Zij raakte bij de aardbeving zwaargewond en moest een been missen. Haar verhaal liet zien welke enorme impact de ramp had op kinderen en gezinnen in Pakistan. Tijdens de landelijke actie stond Taskeen symbool voor de vele slachtoffers die alles waren kwijtgeraakt en dringend hulp nodig hadden.
Giro555 opent voor Pakistan
Een dag na de aardbeving openden de organisaties achter Giro555 een gironummer voor de slachtoffers van de aardbeving in Pakistan, India en Afghanistan. Al snel bleek dat de schade in Afghanistan beperkt was en richtte de hulp zich vooral op Pakistan en India.
Nederland leefde massaal mee. Particulieren, bedrijven, gemeenten, provincies en het ministerie van Buitenlandse Zaken kwamen in actie. Samen brachten zij ruim 42 miljoen euro bijeen. Met deze opbrengst konden de hulporganisaties direct noodhulp bieden en jarenlang werken aan de wederopbouw van de getroffen gebieden.
Heel Nederland komt in actie
Op 26 oktober 2005 organiseerden de publieke omroepen samen met de Samenwerkende Hulporganisaties een landelijke televisieactie. Vanuit Hockey Club Rotterdam werd een benefietavond uitgezonden, met een hockeywedstrijd tussen een Nederlands team en een All Star-team met Pakistaanse en Indiase spelers. Bekende Nederlanders bemanden het belpanel, artiesten traden op en uit het hele land werden acties en donaties gepresenteerd.
Ook Zijne Koninklijke Hoogheid de Prins van Oranje, Willem-Alexander, sprak tijdens de uitzending zijn waardering uit voor de grote betrokkenheid van Nederland: “Het maakt me natuurlijk trots. Er wordt hier iets neergezet waar heel Nederland aan meedoet. Ik kan alleen maar zeggen: geef, geef, geef. Want het is ook in de volgende, aankomende weken erg belangrijk dat er veel meer binnenkomt.”
Van noodhulp naar wederopbouw
Direct na de ramp lag de nadruk op het redden van levens. Mensen ontvingen tenten, dekens, voedsel, schoon drinkwater en medische zorg. Ook werden sanitaire voorzieningen aangelegd, tijdelijke scholen ingericht en psychosociale hulp geboden aan kinderen en volwassenen. Dankzij deze hulp braken geen grote epidemieën uit en konden veel mensen de strenge winter overleven.

Door de winterse omstandigheden in het berggebied duurde de noodhulpfase langer dan gebruikelijk. Ook tijdens de winter van 2006-2007 ontvingen kwetsbare gezinnen nog noodhulp. Vanaf 2007 verschoof de aandacht steeds meer naar duurzame wederopbouw.
Duurzaam herstellen
Bij de wederopbouw stond het principe ‘Building Back Better’ centraal. Woningen, scholen, gezondheidscentra en watervoorzieningen werden niet alleen hersteld, maar ook aardbevingsbestendiger opgebouwd. Daarnaast kregen lokale overheden en partnerorganisaties ondersteuning om toekomstige rampen beter het hoofd te kunnen bieden.

De hulporganisaties werkten nauw samen met lokale organisaties en de getroffen gemeenschappen. Bewoners hielpen mee met de wederopbouw, kregen trainingen in aardbevingsbestendig bouwen en werden betrokken bij het beheer van waterpunten, scholen en andere voorzieningen. Extra aandacht ging uit naar vrouwen, kinderen, ouderen en mensen in afgelegen berggebieden.
Resultaten van de hulp
Dankzij de steun van Nederland konden miljoenen mensen worden bereikt. Alleen al in Pakistan ontvingen ruim 1 miljoen mensen medische zorg, kregen meer dan 1,5 miljoen mensen toegang tot schoon drinkwater en sanitaire voorzieningen tijdens de noodhulpfase en werden honderdduizenden mensen voorzien van tenten, dekens, voedsel en andere noodzakelijke hulpgoederen.
Daarnaast werden 140 permanente scholen herbouwd, honderden tijdelijke scholen ingericht en duizenden leraren getraind. Gezinnen ontvingen zaden, vee, gereedschap en vakopleidingen om opnieuw in hun levensonderhoud te voorzien. Ook werd geïnvesteerd in rampenvoorbereiding, zodat gemeenschappen beter bestand zijn tegen toekomstige aardbevingen en andere natuurrampen.








