Hulpverlening Haïti grootste uitdaging ooit
Haïti grootste uitdaging ooit
SHO voorzitter Farah Karimi: “Het is ongelooflijk om te zien hoe hard de bevolking is getroffen door de ramp. Overal zie je tenten staan en ingestorte huizen. De straten liggen vol met puin. Tegelijkertijd ben ik zeer onder de indruk van wat de hulporganisaties in zo’n korte tijd hebben weten te realiseren. 1,5 miljoen mensen hebben met steun van alle hulporganisaties schoon drinkwater, onderdak, een toilet en medische zorg gekregen. Kinderen krijgen weer les. De hulporganisaties werken in moeilijke omstandigheden, met een overheid die maar langzaam de vereiste besluiten en maatregelen neemt. Vooral wat de wederopbouw aangaat zou de overheid een zeer belangrijke rol moeten spelen. Maar op dit moment is zij te afwezig. Om bijvoorbeeld het puin te kunnen ruimen moet zij gronden beschikbaar stellen. Zolang het puin er ligt kunnen we niet starten met de bouw van nieuwe huizen. Wat het extra lastig maakt is dat de grond vaak particulier eigendom is en dat niemand weet wie het bezit. Binnen deze context is het duidelijk dat de hulporganisaties voor de grootste uitdaging ooit staan. De ramp in Haïti is onvoorstelbaar groot.”
Voorbereiden op stortregens en mogelijke orkanen
Tot nu toe is door alle hulporganisaties samen aan 1,7 miljoen mensen onderdak geboden, met het uitdelen van tenten en zeilen. Alle open plekken in Port-au-Prince zijn veranderd in geïmproviseerde tentenkampen. De hoofdstad alleen al telt 900 kampen, het totale rampgebied telt er 1300. Alle hulporganisaties treffen op dit moment maatregelen om de bewoners van de kampen voor te bereiden op de stortregens en mogelijke orkanen. Kampen die nog geen goed afwateringsstelsel hebben, worden nu hiervan voorzien. Grote aantallen zogeheten tarpaulins zijn aangeschaft (zeilen die beter bestand zijn tegen harde regens) en er zijn speciale hulpteams die na zware regenval de meest kwetsbare kampen bezoeken om te kijken waar de bewoners behoefte aan hebben. Door de gezamenlijke inspanningen van alle hulporganisaties hebben inmiddels 1,3 miljoen mensen toegang tot schoon drinkwater, hebben 3,5 miljoen mensen voedselhulp gekregen en zijn meer dan 500.000 mensen gevaccineerd tegen de meeste voorkomende ziekten. Gezien de omvang van de ramp en de complexiteit van de situatie op Haïti is dit een enorme prestatie.
Noodhulpfase duurt langer
Inmiddels is ook duidelijk dat de noodhulpfase in de hoofdstad Port-au-Prince langer zal gaan duren en nog niet met de wederopbouw kan worden gestart. Dit betekent ook dat de tentenkampen in de hoofdstad langer blijven staan. Het gebrek aan privacy en het regenseizoen maakt het leven in een tentenkamp moeilijk waardoor mensen gefrustreerd kunnen raken
Buiten Port-au-Prince, in de nog harder getroffen gebieden zoals Leogane, zijn verschillende Nederlandse hulporganisaties al wel gestart met de bouw van zogeheten transitional shelters die orkaanbestendig zijn.
Port-au-Prince, 6 juni 2010
Deelnemers van de SHO die deelnemen aan de Haïti actie zijn: Cordaid Mensen in Nood, ICCO & Kerk in Actie, Nederlandse Rode Kruis, Oxfam Novib, Save the Children, Tear, Terre des Hommes, UNICEF Nederland, World Vision, Dorcas, Plan Nederland, Care Nederland, Habitat for Humanity, Vereniging Nederlandse Gemeenten en het Leger des Heils.
De eerste SHO-rapportage verschijnt 15 juni.








